| DIK-DIK (Günther's) | De
Dik-Dik is één van de kleinste antilopen. Naast de Günther’s
Diki-Dik zijn onder meer ook de Salt’s D-D en de Kirk’s D-D
beschreven. Typerend voor de Dik-Dik is de lange neus, waarschijnlijk
om het afkoelen te vergemakkelijken. De soort dankt zijn naam aan het
karakte- ristieke “zik-zik” geluid dat ze maken wanneer ze
gealarmeerd zijn. Alleen het mannetje is hoorn dragend. De horentjes zijn korte, rechtop staande spiesjes. De Dik-Dik is relatief water-onafhanke-lijk, is schichtig en vooral ‘s nachts actief. Ze leven solitair of in paren en geven de voorkeur aan een droge bush omgeving, met name in Oost- en Noord- Oost Afrika. |
![]() |
|||
| Madoqua guentheri | |||||
![]() |
|||||
![]() |
|||||
|
|||||
|
|||||
|
|||||
|
|||||